Achtergrondverhaal: Een kijkje op De Brug in Boskoop
Een kijkje op De Brug in Boskoop

'Je staat als school gelijk vooraan in de rij'

Sinds vorig jaar heeft de openbare basisschool De Brug in Boskoop een aansluiting op het wereldwijde Internet. Een lokale computerzaak betaalt het abonnement en de provider XS4ALL stelt ruimte op het Web ter beschikking. De leerlingen uit groep acht gebruiken het Internet om informatie te vinden voor een werkstuk of een spreekbeurt. Ook corresponderen de kinderen met een school in de Verenigde Staten.

Bernadette is elf jaar en hanteert behendig de muis. Ze maakt een werkstuk over het Afrikaanse eiland Cape Verde. De informatie vindt ze op het Internet. Af en toe print ze een pagina uit of bewaart de informatie op een floppy, zodat ze thuis verder kan werken. Ze mag van de leraar niet te lang achter de computer zitten. Achter haar staan namelijk nog twee klasgenootjes op hun beurt te wachten.

Arie Bakker, docent van groep acht, introduceerde het Internet op zijn school. "In mijn vrije tijd was ik al bezig met het Internet. Ik heb toen een homepage voor de school gemaakt, waar leerlingen en (potentiële) ouders informatie kunnen vinden. Dit heb ik aan de directie laten zien. Zij waren gelijk enthousiast. Maar het heeft me allemaal wel veel tijd gekost. Alleen al voor het maken van de homepage, was ik tweehonderd uur kwijt. Maar omdat het een hobby van me is, vind ik het geen probleem."

Werkstukken



De hefbrug bij Boskoop waar de school naar vernoemd is.
Anne Frank, de meidenpopgroep Spicegirls en Roald Dahl. De werkstukken van groep acht zien er haast professioneel uit. De teksten zijn keurig getypt en de pagina's worden geïllustreerd met plaatjes uit tijdschriften of van het Internet. "De kinderen maken drie werkstukken per jaar", vertelt Bakker. "De informatie kunnen ze vanaf het Internet halen. Dat hoeft natuurlijk niet persé, het kan ook gewoon uit de boeken."

Voor het maken van een werkstuk geeft Bakker een kader aan, zoals 'bekend figuur' of 'land'. De leerlingen zoeken vervolgens zelf naar een onderwerp. Wanneer de leerlingen aangeven dat ze informatie vanaf het World Wide Web willen hebben, zoekt Bakker vooraf relevante sites op het Net. Op de homepage van de school zet hij de links naar de sites. De leerlingen hoeven dan alleen maar deze links aan te klikken om bij de informatie te komen. "Zoekmachines op het Internet geven vaak alleen maar Engelse sites", legt Bakker uit. "Bovendien staat er een heleboel troep om het Web, zoals pornografische zaken of onverkwikkelijke ideeën. Ik zorg ervoor dat de leerlingen, door de opzet van de homepage, slechts met gezonde informatie in aanraking kunnen komen."

Correspondentie

De leerlingen van De Brug corresponderen via het Internet met een Amerikaanse school. Bakker: "Toen ik begon met het Internet zocht ik contact met andere scholen. Ik stuurde een standaard e-mailtje naar vijftig scholen. Julie Davis van de Amerikaanse basisschool Goldendale uit de staat Washington, reageerde. Met haar had ik eerst een persoonlijke correspondentie. Nu wisselen de leerlingen van onze scholen uitgebreid brieven en informatie uit."

In het klaslokaal van Bakker hangt aan de muren het resultaat van die correspondentie. Kaarten van de staat Washington, tekeningen van kinderen, knipsels uit Amerikaanse kranten en polaroidfoto's van de klas en de lerares. Dergelijke informatie verloopt nog via de gewone post, of zoals de leerlingen het noemen, via de 'slakkenpost'. Daarnaast lezen de leerlingen via e-mail hoe de kinderen in de Verenigde Staten leven en wat zij belangrijk vinden.

"Het corresponderen gebeurt eens in de vijf weken. Je moet je niet vergissen; aan een e-mail ben je gauw een uur bezig," vertelt Bakker. "Eerst moet je bekijken wat ze willen schrijven, dan moet we de opbouw bepalen en dan moet het ook nog eens vertaald worden. Het uitwisselen van e-mail komt dus een beetje tussen de lessen door."

Bakker en zijn Amerikaanse collega Davis geven elkaar via e-mail ook tips hoe ze het Internet gebruiken. "In Amerika zijn ze al een stuk verder dan hier. Daar zijn nu bijna alle scholen aangesloten op het Internet. Ook beschikken ze over veel modernere apparatuur, zoals scanners en video's," vertelt Bakker. "Het is interessant om te zien hoe Amerikaanse leerkrachten werken. Ze hebben daar een hele andere houding naar kinderen toe. Hier zijn we veel vrijer en hebben we meer de rol van begeleider. Daar is alles veel strakker en stijver in de les. Daar doen leerkrachten niks anders als feiten overdragen, terwijl leerlingen hier meer zelf mogen ontdekken."

Van het Internet halen de kinderen van basisschool De Brug de nodige informatie voor hun werkstuk.
Volgend jaar wil Bakker met groep acht een bezoek brengen aan Goldendale.

Belangrijk

Bakker ziet het Internet als een essentiële toepassing in het onderwijs: "Internet geeft toegang tot alle denkbare informatie. Daarnaast kun je met mensen uit totaal andere plekken in de wereld corresponderen. Ik vind het belangrijk om de kinderen die ervaring nu al mee te geven en te laten zien dat die mogelijkheid er is. Leerlingen moeten voor hun verdere studie leren omgaan met dit medium. Internet gaat essentieel worden in alle soorten beroepen en in de privé-sfeer. En voor de school is het ook goed. Je staat gelijk vooraan in de rij."

De plannen van OC&W vindt Bakker dan ook positief, maar stelt wel een aantal voorwaarden. "De overheid moet fors gaan investeren. Dat betekent dat ze niet met tweedehands computers moeten komen. Dat werkt niet. Voor het gebruik van Internet heb je niks aan afdankertjes. Daarnaast moeten ze niet alleen met plannen komen, maar ze moeten een kijkje komen nemen in het veld, kijken wat de scholen willen. Tot op heden worden de scholen niks gevraagd. Zo zou ik willen dat de overheid het Internet voor kinderen geschikt maakt. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door een eigen netwerk voor het onderwijs te creëren, zodat allerlei onzinnige zaken op het Internet buiten de deur blijven."